Ingrediënten
- 4 zeewolffilets van ongeveer 150 tot 200 gram per stuk
- 2 eetlepels zonnebloemolie of olijfolie
- 1 eetlepel roomboter
- Versgemalen zwarte peper
- Zeezout
- Sap van een halve citroen
Benodigdheden
- Koekenpan met dikke bodem het liefst van gietijzer
- Hittebestendige spatel
- Keukenpapier
- Tang of visvork
- Bord en aluminiumfolie (om eventueel warm te houden)
Bereiding
1. Voorbereiding
- Dep de zeewolffilets eerst goed droog met keukenpapier. Bestrooi de filets daarna aan beide kanten met zeezout en versgemalen zwarte peper.
2. Bakken
- Zet de koekenpan op een middelhoog vuur en laat de koekenpan goed heet worden. Doe de olie in de koekenpan en laat deze warm worden. Leg dan voorzichtig de zeewolffilets in de pan. Druk ze een klein beetje aan met een spatel.
- Laat de vis 3 tot 4 minuten bakken zonder de filets te bewegen. Draai ze daarna voorzichtig om met een spatel of met een tang. Voeg nu ook de roomboter toe. Laat de vis nog eens 3 tot 4 minuten bakken, terwijl je met een lepel steeds wat van de gesmolten roomboter over de bovenkant schept.
- Haal de filets uit de pan, leg ze op een bord of schaal, en besprenkel ze met een paar druppels citroensap.
Dep de zeewolffilets niet alleen droog, maar leg ze vlak voor het bakken 8 tot 10 minuten op een bord met daarop een dun laagje grof zeezout en daar weer keukenpapier op, zonder dat het zout direct onder de vis ligt. Dat trekt nét wat oppervlakkig vocht weg, waardoor de filet steviger blijft en mooier dichtschroeit zonder dat je bloem of een paneerlaag nodig hebt.Bak de zeewolf daarna in een hete pan met een beetje olie en voeg pas op het einde een klontje roomboter toe.
