Kabeljauw bakken is makkelijk, maar hangt wel van de dikte van de filets af. Vraag aan de visboer om niet te dikke stukken, en om stukken die egaal dezelfde dikte hebben. Als je filets hebt die aan de ene kant dikker zijn dan aan de andere, zullen de filets niet egaal gaar worden.
Dep de kabeljauwfilets goed droog met keukenpapier. Bestrooi de filets vervolgens aan beide kanten met zout en peper.
2. Bakken
Zet een koekenpan op een middelhoog vuur en voeg olijfolie of roomboter toe. Laat de olie of boter goed heet worden, maar zorg ervoor dat het niet verbrandt.
Leg de kabeljauwfilets voorzichtig in de pan met de huidkant naar beneden (als de huid nog aan de filets zit, anders maakt het niet uit welke kant eerst gebakken wordt). Bak de filets in ongeveer 3 tot 4 minuten zonder ze te verplaatsen.
Draai de filets voorzichtig om met een spatel en bak de andere kant nog eens 3 tot 4 minuten. De vis is gaar als hij ondoorzichtig wit wordt en makkelijk uit elkaar valt.
5. Serveren
Haal de filets uit de pan, leg ze op een schaal of bord, en sprenkel er wat vers citroensap overheen. Hak de kruiden fijn en garneer de filets met een beetje.