Ingrediënten
- 1 kilogram vastkokende aardappelen
- 50 gram ongezouten roomboter
- 1 theelepel zout
- Eventueel wat versgemalen zwarte peper
Benodigdheden
- Pan
- Grote rasp
- Koekenpan van ongeveer 24 tot 28 centimeter doorsnee
- Spatel
- Eventueel een bord om de rösti om te draaien
Bereiding
1. Aardappelen koken en raspen
- Was en boen de aardappelen goed, maar schil ze nog niet. Zet ze in een pan met ruim water en een snufje zout en kook ze in de schil gaar, in ongeveer 18 tot 20 minuten.
- Laat de aardappelen goed afkoelen, het liefst een nachtje in de koelkast.
- Schil de afgekoelde aardappelen en rasp ze grof. Doe dit met een grove rasp, zodat je mooie slierten krijgt.
2. Rösti bereiden
- Verhit de roomboter in de koekenpan op matig vuur. Zorg dat de boter goed gesmolten is en de pan overal bedekt is.
- Doe de geraspte aardappelen in de pan en druk ze met een spatel voorzichtig aan tot een platte koek.
- Bak de rösti op een laag tot middelhoog vuur goudbruin in ongeveer 15 tot 20 minuten.
- Nu komt het spannendste gedeelte van dit recept: de rösti omdraaien. Leg een bord op de pan en draai de pan om, zodat de rösti op het bord ligt. Laat hem vervolgens weer voorzichtig in de pan glijden met de ongebakken kant naar beneden.
- Bak de andere nog eens 10 tot 15 minuten, totdat ook deze kant goudbruin is. Eventueel kun je nog een extra klontje roomboter toevoegen.
- Serveer de rösti eventueel met spek, kaas, gebakken uien of met een spiegelei.
Laat de geraspte aardappel eerst kort “zweten” met een klein snufje zout, maar bak hem daarna in twee vetmomenten.Rasp de aardappels, meng er een klein snufje zout door en laat dit 5 tot 10 minuten staan. Knijp de aardappel daarna niet kurkdroog uit, maar druk alleen het overtollige vocht weg. Zo blijft er genoeg zetmeel achter om de rösti mooi aan elkaar te laten kleven.Bak de rösti vervolgens eerst in roomboter of geklaarde boter totdat de onderkant stevig en goudbruin is. Pas vlak voor het omdraaien voeg je langs de rand van de pan nog een klein klontje roomboter toe. Dat tweede vetmoment kruipt onder de rösti en geeft precies die krokante, bijna nootachtige korst zonder dat de binnenkant droog wordt. Dat is het verschil tussen een gewone aardappelkoek en een rösti die echt Zwitsers aanvoelt.
