Ingrediënten
Benodigdheden
Bereiding
1. Voorbereiden van de vis
- Snij de kabeljauwfilet in stukken van ongeveer 3 bij 3 centimeter. Dep de stukjes goed droog met keukenpapier, zodat het beslag straks beter aan de stukjes vis blijft plakken.

2. Beslag maken
- Doe de bloem in een grote kom en voeg het paprikapoeder, de knoflookpoeder, het uienpoeder, de zwarte peper, zout en de peterselie toe. Meng dit goed door elkaar. Klop in een aparte kom het ei los en voeg dit samen met het koude water toe aan het bloemmengsel. Roer het mengsel tot een glad beslag. Het beslag moet een beetje dik zijn, zodat het goed aan de vis blijft hangen.

3. Bakken
- Haal de stukjes vis één voor één door het beslag.
- Verhit een flinke bodem olie in een koekenpan, ongeveer een centimeter diep. De olie verwarmen tot ongeveer 180 graden op een middelhoog tot hoog vuur. Je kunt testen of het heet genoeg is door een beetje beslag in de olie te druppelen. Als het meteen begint te sissen, is de olie heet genoeg, Leg nu de stukjes kibbeling in de pan. Bak de vis in porties, zodat de pan niet te vol raakt. Bak de kibbeling in 6 tot 8 minuten totdat ze goudbruin en krokant zijn, en draai de stukjes regelmatig om.
- Haal de gebakken kibbeling uit de pan en laat het uitlekken op keukenpapier.

