Ingrediënten
- 4 karbonades, rib-, schouder- of haaskarbonade, naar keuze
- 2 eetlepels roomboter
- 1 theelepel zout
- 1 theelepel versgemalen zwarte peper
- 1 theelepel paprikapoeder
Benodigdheden
- Koekenpan
- Keukenpapier
- Vleestang of spatel
- Vlees- of kernthermometer (optioneel)
- Bord om het vlees te laten rusten
Bereiding
1. Voorbereiden
- Haal de karbonades minimaal 30 minuten voor het bakken uit de koelkast, zodat de karbonade op kamertemperatuur kan komen. Dep de karbonades aan beide kanten droog met keukenpapier, en bestrooi beide kanten met zout, peper en paprikapoeder.
2. Pan verwarmen en vlees bakken
- Zet een koekenpan op een middelhoog vuur en laat deze goed warm worden. Voeg de roomboter toe en wacht tot het goed heet is en begint te bruisen.
- Leg de karbonades in de pan en bak ze zonder te bewegen 3 tot 4 minuten aan één kant. Draai de karbonades vervolgens om en bak de andere kant ook 3 tot 4 minuten. Dit is van toepassing op zowel haaskarbonade, ribkarbonade als op schouderkarbonade.
- Vervolgens laat je de karbonades nog even sudderen in de pan. Voor schouderkarbonade gedurende 3 tot 5 minuten, voor ribkarbonade gedurende 4 tot 6 minuten, en voor haaskarbonade gedurende 8 tot 10 minuten.
- Haal de karbonades uit de pan en leg ze op een bord. Dek ze losjes af met aluminiumfolie en laat ze 5 minuten rusten.
Leg de karbonade na het kruiden 10 minuten op een omgekeerd schoteltje of klein roostertje in plaats van plat op een bord. Daardoor kan het zout intrekken zonder dat de onderkant in het vrijgekomen vocht blijft liggen.Dep de karbonade daarna nog een keer droog voordat hij de koekenpan in gaat. Zo krijgt het vlees sneller contact met de hete boter of olie, waardoor je een mooiere korst krijgt zonder dat de karbonade te lang hoeft te bakken.
