Ingrediënten
- 400 gram rauwe gepelde garnalen of met schaal
- 1 liter water
- 10 gram zeezout
- 3 tenen knoflook, geplet
- 2 laurierbladeren
- 10 peperkorrels
- 1 citroen, in schijven
- verse dille of peterselie (optioneel)
Benodigdheden
- Grote pan met deksel
- Schuimspaan
- Vergiet
- Snijplank en mes
- eventueel kom voor marineren
Bereiding
1. Koken
- Vul een grote pan met ongeveer 1 liter water en voeg het zeezout toe. Doe er ook de knoflook, de laurierbladeren, de peperkorrels en de schijven citroen bij. Breng dit aan de kook op een middelhoog vuur.
- Als het water kookt, laat je het nog 1 minuut hard koken. Daarna voeg je de garnalen toe. Zorg dat ze onder water liggen en zet het vuur hoog, zodat het water snel weer aan de kook komt.
- Zodra het water opnieuw kookt, kook je de garnalen 2 tot 3 minuten. Je ziet gedurende dit koken dat de garnalen iets beginnen te krullen en hun kleur verandert in oranjeachtig roze. Gebruik een schuimspaan om de garnalen uit de pan te halen en laat ze kort uitlekken in een vergiet.
Hollandse garnalen zijn vaak al gaar als je ze koopt. Als je ze opnieuw kookt, worden ze snel taai en verliezen ze hun fijne, zoete smaak. Doe daarom een klein scheutje visbouillon, kookvocht van aardappelen of een lepeltje room in een pannetje, laat dit warm worden, maar niet koken. Haal de pan van het vuur en roer er een klontje koude boter door. Schep daarna pas de Hollandse garnalen erdoorheen.Laat ze hooguit 30 tot 60 seconden meewarmen. Zo krijgen ze warmte en glans, zonder dat ze rubberachtig worden.
