Ingrediënten
- 400 gram chipolataworstjes, ongeveer 8 tot 12 stuks, afhankelijk van de grootte
- 1 eetlepel zonnebloemolie of roomboter
- Optioneel: een snufje peper en zout
Benodigdheden
- Koekenpan liefst gietijzeren
- Tang of spatel
- Snijplank en mes (indien nodig)
Bereiding
1. Voorbereiden
- Haal de chipolataworstjes ongeveer 10 minuten voor het bakken uit de koelkast, zodat ze op kamertemperatuur kunnen komen.
2. Verhit de pan en bakken
- Zet een koekenpan op een middelhoog vuur en voeg een eetlepel zonnebloemolie of een eetlepel roomboter toe.
- Leg meteen de chipolataworstjes in de pan, zonder dat de pan al warm is. Bak de worstjes in 10 tot 12 minuten en draai ze regelmatig om met een tang of met een spatel, zodat alle kanten bruin worden.
- Snij na de baktijd eventueel een worstje doormidden om te controleren of het van binnen gaar is. Het vlees moet stevig en niet meer roze zijn.
- Haal de worstjes uit de pan en laat ze een minuut rusten.
Prik niet in de worstjes, maar geef ze voor het bakken een heel korte lauwwarme “rust” in een schaaltje met een paar eetlepels water en een klein scheutje azijn, ongeveer 5 minuten. Dep ze daarna goed droog en bak ze rustig in roomboter of olie.Door dat kleine beetje azijn wordt het velletje iets soepeler, zonder dat je het proeft. Daardoor scheurt het minder snel open in de koekenpan, terwijl de worstjes toch mooi strak blijven en gelijkmatiger verkleuren.
